startpagina geeft u nieuws en informatie over alle financiele producten. Bij startpagina kunt u vrijblijvend een offerte aanvragen of online een verzekering afsluiten
Bij startpagina kunt u onder ondere informatie krijgen over:
startpagina verzekeringen geeft u nieuws en informatie over alle financiele producten. Bij onskunt u vrijblijvend een offerte aanvragen of online een verzekering afsluiten
startpagina verzekeringen biedt u ook de mogelijkheid om informatie te zoeken per zoekwoord:
Lenen van geld. Wanneer wel,
wanneer beter niet
Geld lenen lijkt niet moeilijk. De advertentiekrantjes slaan
u om de oren met de mooiste aanbiedingen. "Geld verdienen door te
lenen". Wie wil dat nu niet? Toch is het goed de zaken op een rijtje te
zetten voordat u een lening aangaat.
Geld lenen was vroeger niet erg gebruikelijk. Lenen betekent
immers schuld hebben en dat werd vroeger vaak ervaren als heel vervelend.
Vandaag de dag denken we daar anders over, ruimer. De meeste mensen hebben
tegenwoordig wel een lening lopen. Denk maar aan de lening voor de auto of een
studielening.
Met deze informatie willen we u een paar tips geven om zelf
een verstandig besluit te nemen.
Op deze pagina's kunt u een aantal aspecten van lenen
vinden. Allereerst kunt u de kenmerken van een groot aantal soorten leningen vinden.
Verder noemen we u een aantal voordelen én nadelen van geld
lenen. Daarbij geven we een aantal afwegingen die u
voor uw eigen situatie kunt gebruiken.
U kunt ook iets vinden over de verschillende voorwaarden van het lenen van geld. Aan de orde komt
ook de fiscale aftrekbaarheid van rente.
We gaan ook in op de registratie van
leningen bij het BKR in Tiel.
U kunt ook echt aan de slag met het maken van een begroting volgens de opzet van het
NIBUD. U weet dan wat u wel of niet overhoudt per maand.
Soorten leningen (kredieten)
Hieronder wordt besproken wat de voor- en nadelen zijn van
een aantal soorten krediet. Elke vorm van krediet heeft weer andere gevolgen
voor uw budget.
U vindt hier de volgende vormen.
|
Doorlopend krediet |
Persoonlijke lening |
|
Krediet
gekoppeld aan betaalrekening |
Huurkoop |
|
Postorderbedrijf |
Leasen |
|
Klantenkaarten |
Creditcards |
|
Voorschot effecten |
Belening levensverzekering |
|
Hypotheken |
|
Doorlopend krediet
Bij een doorlopend krediet mag u steeds geld lenen, tot aan
een maximaal bedrag (de kredietlimiet). U kunt ook minder opnemen. Een
doorlopend krediet kan gemakkelijk zijn als u niet meteen al het geld nodig
heeft, bijvoorbeeld in het geval van een verbouwing. Of als u nog niet precies
weet hoeveel geld u nodig heeft. Als u geld hebt afgelost, kunt u weer opnieuw
tot de limiet geld opnemen.
Wat de rente betreft bent u met een doorlopend krediet meestal voordeliger uit
dan met andere kredieten. Een nadeel is dat de rente niet voor de hele looptijd
vaststaat. Wel betaalt u elke maand een vast bedrag voor rente en aflossing,
maar welk deel van dat bedrag terugbetaling is en welk deel rente, hangt af van
de rentestand op dat moment. Dus u weet van te voren niet precies hoe lang u
aan het afbetalen zult zijn.
Persoonlijke lening
Bij een persoonlijke lening leent u een van te voren
vastgesteld bedrag. Bij het afsluiten van de lening staan de hoogte van de
rente vast en de looptijd vast. Het voordeel van een persoonlijke lening is dat
u altijd precies weet waar u aan toe bent. De rente bij het afsluiten van een
persoonlijke lening is - bij dezelfde kredietverstrekker - wel hoger dan de
rente bij het afsluiten van een doorlopend krediet.
Krediet gekoppeld aan betaalrekening
Indien u beschikt over een krediet gekoppeld aan uw
betaalrekening bij de bank, mag u rood staan op uw betaalrekening tot een
afgesproken bedrag (de limiet). Elke bank heeft voor zo'n kredietfaciliteit een
andere naam (bijvoorbeeld 'salariskrediet' of 'debetfaciliteit'). U betaalt bij
afgesproken rood staan een lagere rente dan bij een ongeoorloofde roodstand. De
hoogte van de limiet is vaak afhankelijk van het bedrag dat maandelijks op de
rekening binnenkomt. De limiet kan bijvoorbeeld de hoogte van het maandsalaris
zijn. De roodstand moet veelal binnen drie maanden aangezuiverd zijn. Met name
wanneer het gaat om kortlopende tekorten is het handig deze via de betaalrekening
te financieren. De hoogte van de rente ligt doorgaans tussen die van een
doorlopend krediet en die van een persoonlijke lening in.
Huurkoop
Als uw autodealer u een lening voor de aanschaf van een auto
aanbiedt, gaat het vaak om huurkoop. Na een aanbetaling betaalt u het restant
van de koopsom in termijnen. U bent pas eigenaar van uw auto als u de laatste
termijn hebt afbetaald. Aan deze vorm van krediet kleven nadelen. Als u de
maandelijkse aflossing niet langer kunt opbrengen, en u heeft het verschuldigde
bedrag nog niet voor 75 procent afbetaald, bent u uw auto kwijt. Als de
opbrengst van de auto dan niet genoeg is om uw schuld af te betalen, moet u de
rest alsnog betalen. Verder betaalt u bij huurkoop meestal een rente die dicht
in de buurt ligt van de maximaal toegestane rente.
Postorderbedrijf
Bij veel postorderbedrijven kunt u, de rekening in termijnen
afbetalen, ofwel kopen op afbetaling. Het gaat dan om het zogenaamd
postorderkrediet. Ook als het om lage bedragen gaat, kunt u in termijnen betalen.
Een soort van doorlopend krediet is ook mogelijk bij postorderbedrijven. U mag
dan bijvoorbeeld tot een bepaalde limiet aankopen doen, bijvoorbeeld € 1.000.
Als u een deel van de rekening heeft betaald, mag u weer opnemen. U betaalt bij
een postorderbedrijf een hogere rente dan u voor een lening bij een bank
betaalt; doorgaans dicht bij het wettelijk maximum.
Klantenkaarten
Steeds meer winkels en bedrijven geven zogenaamde
klantenkaarten of winkelpasjes uit. Met een klantenkaart koopt u een artikel,
waarvoor u later de rekening krijgt. Soms kunt u met een klantenkaart de
rekening in termijnen betalen. Als u een deel van het bedrag hebt betaald, mag
u vaak weer opnieuw aankopen doen op krediet, tot aan een bepaalde limiet.
Meestal betaalt u voor een krediet gekoppeld aan een klantenkaart een hoge
rente.
Creditcards
Creditcards worden uitgegeven door bankinstellingen en
creditcardorganisaties. Met een creditcard kunt u in bepaalde winkels, hotels,
restaurants enz. kopen, ook in het buitenland. U kunt er mee betalen tot een
bepaalde limiet is bereikt (bijvoorbeeld € 2000,-). Binnen enkele weken worden
de bedragen van uw rekening afgeschreven. Soms bieden cr
creditcardorganisaties de mogelijkheid de rekening in
termijnen te betalen. U bent dan door een hogere rente doorgaans duurder uit
dan met een lening bij een bank. Verder betaalt u voor het bezit van de
creditcard meestal een jaarlijks bedrag.
Leasen
Steeds vaker is het mogelijk artikelen te leasen. U betaalt
dan een aantal jaren een vast bedrag per week of per maand. Er zijn twee vormen
van leasen: financiële leasing en operationele leasing. Financiële leasing
lijkt veel op huurkoop en is mogelijk voor bijvoorbeeld keukens, parket, tuinen
e.d. Meestal worden bepalingen over onderhoud, garantie e d. in de
lease-overeenkomst opgenomen. In veel gevallen kan aan het eind van de
lease-periode gebruik worden gemaakt van een koopoptie tegen een symbolisch
bedrag. Pas als u het bedrag van de koopoptie hebt betaald, bent u eigenaar van
het artikel. Als u de aflossing niet meer kunt opbrengen, en u heeft nog geen
75% van uw schuld afbetaald, kan de leasemaatschappij het artikel opeisen. De
rente die u bij financiële leasing betaalt, is aftrekbaar voor de belasting.
Dat is niet het geval bij operationele leasing dat veel op
huren lijkt. Na afloop van het contract bent u bij operationele leasing geen
eigenaar van het artikel. Eventueel kan het artikel wel gekocht worden. Voordat
u een lease-overeenkomst sluit, is het raadzaam een vergelijking te maken met
een persoonlijke lening of een doorlopend krediet. Betrek daarbij de rente die
u moet betalen en alle overige voorwaarden van de verschillende
financieringsvormen.
Voorschot effecten
Wanneer u reeds effecten bezit, is het mogelijk om met die
effecten als onderpand krediet te krijgen. U bent verder vrij het krediet te
besteden voor welk doel dan ook. Vaak wordt een dergelijk krediet gebruikt om
nieuwe effecten te kopen. Vanwege het onderpand kan de rente lager zijn dan de
rente op een doorlopend krediet of persoonlijke lening. Afhankelijk van de
instelling, kunt u ongeveer 50 tot 80 procent van de waarde van de effecten als
krediet krijgen. Een nadeel is dat wanneer de koersen dalen, het onderpand ook
minder waard wordt, en de bank u kan verzoeken het onderpand aan te vullen.
Belening levensverzekering
Een andere manier om lening met onderpand te krijgen is een
polis van de levensverzekering te belenen. Dit kan alleen als in de voorwaarden
van de levensverzekering staat dat de polis te belenen is. Het krediet kunt u krijgen
bij de verzekeraar van de levensverzekering. Het bedrag dat u zo kunt lenen is
zo’n 90 tot 100 procent van de afkoopwaarde. U kunt het krediet opnemen tot
uiterlijk de einddatum van de verzekering.
Hypotheken
Hypotheken zijn wel de meest bekende vorm van leningen. Het
is in verschillende opzichten een speciaal soort lening.
Een hypotheek is het bedrag dat u leent voor de aankoop van een onroerend goed
(meestal een woonhuis), met dat onroerend goed als onderpand. U leent het geld
(al dan niet via een tussenpersoon, hypotheekbemiddelaar, etc.) van een bank.
Met dat geld koopt u het huis, dat daarmee uw eigendom wordt.
Tegelijk is het huis onderpand: als u rente en aflossing niet betaalt kan de
bank het huis verkopen om zo zijn geld terug te krijgen.
Voordat de bank een hypotheek verstrekt, wordt gekeken naar twee zaken: uw
inkomen ("kunt u rente en aflossing betalen") en de waarde van het
huis ("brengt het in geval van nood genoeg op"). De bank heeft op die
manier meer zekerheid, de rente kan dus redelijk laag zijn vergeleken met
bijvoorbeeld een persoonlijke lening.
Daarnaast is de rente van een hypotheek (niet de aflossing!) aftrekbaar voor de
belasting. Dat bespaart u veel geld: tussen de 32 en de 52% van de rentekosten
(afhankelijk van uw inkomen; hoe hoger het inkomen, hoe meer voordeel).
Soms is een een flink verschil ontstaan tussen de werkelijke
waarde van een woning en de resterende hypotheekschuld (er is dan overwaarde).
U kunt dan uw hypotheek verhogen en zo aan extra geld komen. U moet dan per
maand wel meer gaan afbetalen. Doet u dat wel met zorg: de wijziging van de
hypotheek brengt (flinke) kosten met zich mee. De rente op die extra hypotheek
is alleen als hypotheekrente aftrekbaar van de belasting als u het geld
gebruikt voor het onderhoud van uw eigen (eerste) woning. Gebruikt u het geld
voor de aanschaf van een auto of boot, dan is de rente niet aftrekbaar.
Voor- en nadelen van geld lenen
Als u geld leent, kunt u nu, op dit moment meer kopen. Dat
is een onmiskenbaar en aantrekkelijk voordeel. Reizen, een keuken, een auto,
een geluidsinstallatie, een dakkapel: het wordt met een lening snel bereikbaar.
Het nadeel komt altijd daarna: de afbetaling van rente en
aflossing. Wie leent, neemt nu de lusten en verschuift de lasten naar de toekomst.
Dat hoeft geen probleem te zijn, als u die lasten kunt
dragen en als de toekomst een beetje overzienbaar is.
Het bedrag dat u leent, moet u binnen een bepaalde periode
terugbetalen. Deze periode wordt de looptijd van de lening genoemd. Als u een
korte looptijd kiest, betaalt u per maand een hoger aflossingsbedrag. Een
kortere looptijd betekent dat u in totaal minder rente betaalt. Wanneer u een
hoog aflossingsbedrag kunt opbrengen, kunt u dan ook beter voor een kortere
looptijd kiezen. Is de financiële ruimte niet zo groot, dan kiest u voor het
lagere aflossingsbedrag per maand, en daarmee voor een langere looptijd.
Bedenk dus wel: hoe hoger de lasten en hoe langer de
aflossingsperiode, des te minder zekerheid u heeft over de
aflossingsmogelijkheden.
Wat u zich daarbij moet realiseren is dat met een lening uw
vaste lasten toenemen. De aflossing van een krediet is namelijk een vaste last:
u zit er elke maand aan vast. Er is dan dus minder ruimte in uw budget om in
een dure maand eens met geld te schuiven.
Afwegingen bij het lenen van geld
We geven u een flink aantal afwegingen. Kijk of er iets voor
u bij zit.
·
Wie leent moet straks rente en aflossing gaan betalen. De
vraag is dus of uw budget zoveel ruimte biedt dat u de maandelijkse afbetaling
van een lening kunt opbrengen. Het antwoord op die vraag kunt u vinden door aan
het rekenen te slaan: zet al uw inkomsten en uitgaven per maand op een rijtje.
Houd rekening met inkomsten (bijvoorbeeld vakantiegeld) en uitgaven
(bijvoorbeeld verzekeringspremies) die maar ééns per jaar betaald moeten
worden: sla ze om naar een maandbedrag. Als u de maandbegroting heeft ingevuld,
kunt u zien welk bedrag er per maand overblijft voor het aflossen van een
lening. Als er op uw begroting niets overblijft zult u moeten bezuinigen om
rond te kunnen komen. Lukt dat? Hoelang? Eerlijk zijn!
·
Als u niets of te weinig per maand overhoudt, kunt u ook een
andere oplossing zoeken. Misschien kunt u de aankoop een tijdje uitstellen, of
kunt u iets aanschaffen dat minder duur is. Of mogelijk kunt u ervoor kiezen
iets te repareren, in plaats van het te vervangen.
·
Kunt u de aankoop niet uitstellen, dan zit er niets anders
op dan extra te bezuinigen, of uw inkomsten te vergroten, bijvoorbeeld door een
(bij)baantje, of het verhuren van kamers. Ook als uw begroting precies sluitend
is, zal u moeten bezuinigen om de afbetaling van een lening op te kunnen
brengen.
·
Een argument om toch een krediet te nemen terwijl u
misschien liever niet de aflossing op u zou willen nemen, is wanneer er anders
hogere kosten ontstaan. Stel dat uw huis dringend moet worden opgeknapt en dat
u daarvoor een lening nodig heeft. Als u het huis niet opknapt, kan het zijn
dat er nog grotere schade ontstaat aan het huis zodat u uiteindelijk duurder
uit bent. Dit soort situaties kunnen ook ontstaan bij de vervanging van de auto
die u beslist nodig heeft of de wasmachine.
·
Een krediet is in principe verantwoord als u de maandelijkse
aflossing kunt opbrengen en daarnaast nog voldoende opzij kunt leggen voor
andere grote uitgaven (zodat u daarvoor niet opnieuw hoeft te lenen)... én als
u geen rekening hoeft te houden met een vermindering van uw inkomen gedurende
de looptijd van het krediet.
·
In een aantal gevallen kan de looptijd te lang worden. U
kunt dan beter geen krediet nemen of een krediet voor een lager bedrag
afsluiten. Om te bepalen of de looptijd niet te lang is kunt u uzelf de
volgende vragen stellen: wat is de levensduur van mijn aanschaf? Het is
namelijk bijzonder frustrerend om de lening te moeten aflossen voor een
aanschaf waar u al niets meer aan hebt. Als u bijvoorbeeld een tweedehands auto
koopt die u na vier jaar moet vervangen, kunt u beter geen looptijd langer dan
vier jaar nemen.
·
Hoe lang zal mijn inkomen op hetzelfde niveau blijven? Door
allerlei oorzaken kan uw inkomen dalen. Bijvoorbeeld als gevolg van
pensionering, werkloosheid, arbeidsongeschiktheid enzovoort. Voorziet u dat in
de nabije toekomst met een daling van uw inkomen te maken zou kunnen krijgen,
dan kunt u beter geen lening met een lange looptijd afsluiten.
·
Krijg ik in de nabije toekomst te maken met hogere kosten? U
kunt bijvoorbeeld hogere uitgaven verwachten voor noodzakelijk groot onderhoud
aan uw woning, of omdat uw schoolgaande kinderen meer geld zullen gaan kosten.
Door de hogere uitgaven heeft u straks mogelijk geen ruimte meer in uw budget
voor een aflossing.
Ga shoppen: vergelijk voorwaarden en rente
Kredietgevers zijn verplicht een overzicht van hun
voorwaarden en rentepercentages beschikbaar te stellen. De verschillen tussen
de rente die in rekening wordt gebracht, hangen niet alleen af van de vorm van
het krediet (doorlopende lening, huurkoop enz.). Elke kredietgever hanteert
binnen de wettelijke maxima zijn eigen tarieven. Die maximale rente is voor
kleinere kredieten hoger dan voor grotere geleende bedragen. De reden daarvoor
is dat de kosten die de kredietverstrekker moet maken, voor kleine kredieten
naar verhouding hoger zijn.
Het is belangrijk vooraf een goede vergelijking te maken
tussen de verschillende kredietgevers. Een procent renteverschil kan al flink
wat uitmaken. Overigens is het ook steeds van belang naar andere voorwaarden te
kijken: de mogelijkheid tot vervroegde aflossing, een overlijdensrisicoverzekering,
enz. Banken en andere kredietverstrekkers zijn verplicht om het zogeheten
effectieve rentepercentage op te geven. Dat zijn de werkelijke kosten van het
krediet uitgedrukt in een rentepercentage per jaar. Alleen aan de hand van dit
effectieve rentepercentage kunt u de verschillende kredietaanbiedingen
vergelijken.
Lenen en de belasting
Wie leent betaalt rente. "Rente" is dus eigenlijk de prijs van
geld.
Als het gaat om een hypotheek voor uw eigen eerste huis, dan
is de rente volledig aftrekbaar. Dat geldt dus niet voor een woning die u aan
een ander verhuurt of voor een tweede woning. Het geldt ook niet als u (een
deel van de hypothecaire lening) gebruikt voor iets anders: een reis, een boot,
een auto, etc. In dat geval en in alle andere gevallen heet uw geldlening in
belastingtermen "consumptief krediet". In het Belastingstelsel 2001
is de aftrekbaarheid van consumptief krediet afgeschaft. Houd daar dus rekening
mee, want dat geldt ook voor leningen die daarvoor waren afgesloten!
Registratie van leningen:
zekerheid
U heeft het vast en zeker wel eens gezien in advertenties:
de kleine letters met de mededeling "toetsing en registratie bij BKR in
Tiel". Wat zit daar achter?
BKR staat voor Bureau Krediet Registratie. Het is een
stichting die ruim 30 jaar geleden werd opgericht en haar kantoor in Tiel
heeft. BKR heeft als taak het leen- en aflosgedrag van consumenten in Nederland
te registreren. Alle beroepsmatige kredietverstrekkers (banken,
financieringsondernemingen en creditcardorganisaties) zijn verplicht bepaalde
gegevens aan het BKR door te geven. Zij zijn óók verplicht gegevens op te
vragen als ze een lening willen verstrekken.
Wat wordt er geregistreerd en waarom, vraagt u zich
waarschijnlijk af. Eerst iets over het "waarom", daarna het
"wat".
Voorzorg tegen overcreditering
Wie geld leent, neemt daarmee een aantal verplichtingen op
zich met de belofte die in de toekomst na te komen: regelmatig af te lossen.
Maar de toekomst bevat veel onzekerheden en de verleiding van geld is altijd
aanwezig. Arm of rijk, dat blijkt daarbij niet uit te maken. Er zijn dus
risico’s. Dat is een reden om de nodige zorgvuldigheid te betrachten. Voor u
zelf én voor de geldgever.
De geldgever wil natuurlijk zijn geld terug zien en daarom
voorkomen dat iemand onverantwoord veel geld leent. Daarom zoekt de bank altijd
naar enige zekerheden voordat u geld te leen krijgt. Zo zal de bank willen
weten waar u woont, of u een baan heeft en hoeveel u daarmee verdient. Om te
voorkomen dat iemand lening op lening stapelt of niet aflost, zal de geldgever
ook willen weten of u elders al geld geleend heeft en of u eerder
betalingsproblemen had of nog heeft.
De geldgever kan uw leen- en aflosgedrag nagaan bij BKR.
Tegenover dat recht staat ook een plicht: de geldgever die een lening verstrekt
moet dat melden bij BKR. Deze registratie is dus een voorzorg tegen
problematische schulden. Dat is een voordeel voor de bank, maar zeker ook voor
u. Als de bank kan zien dat u altijd goed van betalen bent geweest, zal hij u
immers graag als klant hebben. BKR en de aangesloten organisaties dragen zo bij
aan een verantwoorde kredietverlening.
De registratie werkt daardoor als een soort keurmerk: voor
de instelling waarvan u geld leent en voor uzelf als geldlener. U doet er
daarom verstandig aan alleen geld te lenen als er sprake is van registratie bij
BKR. Dat biedt ook uzelf meer garanties.
Wat wordt er geregistreerd en hoe lang?
Als u geld leent en het gaat om een bedrag vanaf ongeveer € 450, dan moet de
geldgever die lening aanmelden bij BKR. Daar worden dan bijgehouden: uw naam en
adres, geboortedatum, het soort lening, de hoogte ervan en de eerste en laatste
maand van aflossing. Heeft u meer dan 2 maanden betalingsachterstand, dan meldt
de geldgever dat ook, maar niet voordat hij contact met u heeft opgenomen.
Bij een aantal kredietvormen (zoals klantenkaarten of een
krediet gekoppeld aan een betaalrekening) wordt niet het daadwerkelijk
opgenomen krediet geregistreerd, maar het mogelijk op te nemen krediet. Dit
betekent dat -zelfs als u niets heeft opgenomen- u toch al een deel van uw
totale kredietruimte heeft gebruikt. Hierdoor kunt u moeite hebben een nieuw
krediet te krijgen.
Heeft u al vijf jaar geen krediet meer lopen, dan verdwijnen al uw gegevens uit
de registratie: u bent dan weer een onbekende voor het BKR.
De registratie is beperkt tot kredieten en middelen waaruit
eenvoudig een krediet kan voortvloeien (zoals creditcards, winkelpassen).
Huurschuld staat er dus niet in. Ook de lening die u bij familie afsluit wordt
niet geregistreerd. Een studieschuld evenmin (hoewel dat in de toekomst
waarschijnlijk wel gaat gebeuren). Uw hypotheek wordt ook niet opgenomen,
behalve als u een betalingsachterstand heeft van meer dan 120 dagen.
De Nederlandse privacywetgeving is duidelijk en streng: u
kunt uw registratie dus inzien. U kunt zien wat er van u geregistreerd staat en
wie uw gegevens geraadpleegd heeft. Stap naar een bank met uw legitimatiebewijs
en 5 euro en (praktisch) elke bank kan het voor u regelen.
Meer informatie op de website
van het BKR.
Bron: Nibud
Lenen via hypotheek (tweede hypotheek)
Bezitters van een eigen huis met overwaarde
kunnen bedragen boven de 2.500 euro het beste lenen met hun huis als onderpand.
De overwaarde van een huis is het verschil tussen de vrije verkoopwaarde en de
hypotheek die erop rust.
Het allergoedkoopste is het wanneer u
voor het verhogen van de hypotheek niet naar de notaris hoeft. In dat geval
kunt u zelfs bedragen onder de 2.500 euro voordeliger via de hypotheek lenen.
Een notaris is niet nodig als u bij het afsluiten van de eerste hypotheek een
hoger bedrag in de notariële akte heeft laten opnemen dan het bedrag dat u
daadwerkelijk heeft geleend. Moet u wel naar de notaris voor een tweede
hypotheek, dan is het pas bij een bedrag boven de 2.500 euro en een looptijd
langer dan drie tot vijf jaar gunstig om een tweede hypotheek te nemen. Alleen
ouderen (ouder dan 55 á 60 jaar) zijn in dat geval met een persoonlijke lening
meestal voordeliger uit. Dit omdat aan het lenen via de hypotheek altijd een
overlijdensrisicoverzekering is gekoppeld.
Een tweede hypotheek als leenvorm is
geschikt voor u wanneer u:
|
|
· |
Een eigen huis met
overwaarde heeft en niet naar de notaris hoeft voor een hogere hypotheek. |
|
|
· |
Een eigen huis met
overwaarde heeft en meer dan 2.500 euro wilt lenen |
|
|
· |
en/of u een langere
looptijd dan 3 tot 5 jaar wilt |
|
|
· |
en/of u niet ouder
bent dan 55 jaar en wanneer u een looptijd van meer dan 15 jaar wilt. |
Deze leenvorm is minder geschikt als
u geen eigen huis met overwaarde heeft, een laag bedrag wilt lenen, een kortere
looptijd dan 3 tot 5 jaar wilt en wanneer u ouder bent dan 55 jaar.
|
Kosten
van een tweede hypotheek |
Rentekosten
Voor een lening via de hypotheek geldt de huidige hypotheekrente plus een
opslag van maximaal 0,5%.
Dat is algauw 3% goedkoper dan andere soorten leningen.
Notariskosten
Voor een hypotheeklening moet u vaak wel naar de notaris. Dat kost c.a 575 euro
voor een tweede hypotheek van 45.378 euro en c.a 432 euro voor een tweede
hypotheek van 22.689 euro. Een tweede hypotheek is meestal goedkoper dan het
verhogen van de eerste.
Taxatiekosten
Soms moet het huis getaxeerd worden voordat u er een extra hypotheek op kunt
nemen. Taxatie kost c.a 370 euro voor een woning van 200.000 euro. Meestal is
taxatie overigens niet nodig en kunt u de WOZ-beschikking gebruiken.
Afsluitprovisie
De afsluitprovisie is afhankelijk van de kredietverstrekker. Soms geldt een
minimumbedrag van bijvoorbeeld 110 euro.
|
Lenen
via uw hypotheek en de fiscus |
Als u via uw hypotheek leent voor een
consumptief doel (een auto, een vakantie, een boot), dan heet de rente die u
daarvoor betaalt consumptieve rente. Consumptieve rente niet meer aftrekbaar,
of u nu geleend heeft via de hypotheek of via een persoonlijke lening of
doorlopend krediet.
(Bron:
Consumentenbond)
Wilt u meer informatie over dit
onderwerp? Ga dan naar: interplein.nl
| Checklist | |
|
|
Wie moeten allemaal weten dat u verhuist? |
|
|
| Terug | |
Carrièrebreuk
Carrièrebreuk is een bijzondere vorm van pensioenbreuk. Deze breuk ontstaat bij verandering van werkgever. Doorgaans ontvangt iemand bij een nieuwe werkgever een hoger salaris. Het pensioen bij de oude werkgever wordt hier echter niet aan aangepast. Het hogere salaris is dus niet van toepassing op het opgebouwde pensioen bij de oude werkgever. Hierdoor kan een pensioentekort ontstaan.
Om de negatieve gevolgen van de carrièrebreuk enigszins binnen de perken te houden, kunt u het pensioen van de oude werkgever overdragen naar de nieuwe werkgever. Het pensioenfonds van de nieuwe werkgever krijgt dan de waarde van de pensioenrechten van de oude werkgever uitgekeerd en berekent vervolgens hoeveel dienstjaren u hiervoor in het nieuwe pensioenfonds terug kunt krijgen. De berekening gebeurt aan de hand van door de overheid opgestelde richtlijnen. De periode waarin u voor waardeoverdracht in aanmerking kunt komen bedraagt maximaal 12 maanden en verloopt als volgt:
1. Bij deelname aan de pensioenregeling is de
werkgever verplicht de nieuwe werknemer in te lichten over het recht op
overdracht en de te volgen procedure. De nieuwe werknemer moet binnen 2 maanden
na opname in de nieuwe pensioenregeling een opgave vragen van zijn
pensioenrechten bij de nieuwe pensioenuitvoerder.
2. De nieuwe pensioenuitvoerder vraagt binnen een maand informatie aan bij de
oude pensioenuitvoerder, die binnen 2 maanden de informatie verstrekt.
3. Binnen 2 maanden informeert de nieuwe pensioenuitvoerder de werkgever over
de gevolgen van de waardeoverdracht.
4. Binnen 2 maanden dient de werknemer het verzoek tot waardeoverdracht in te
dienen bij de nieuwe pensioenuitvoerder. Indien er ook sprake is van een
nabestaandenpensioen dient een akkoordverklaring van de partner afgegeven te
worden. Indien de partner niet akkoord gaat, dan blijft het
nabestaandenpensioen als "slapersrecht" achter bij de oude
pensioenuitvoerder.
5. De waardeoverdracht zal binnen 3 maanden plaatsvinden. Het pensioen bij de
oude werkgever komt te vervallen.
Wel of geen overdracht?
Als u bij de nieuwe werkgever meer gaat
verdienen, zult u wat minder jaren terugkrijgen dan u had. Dit kan betekenen
dat u niet meer uw volledige pensioen van 40 dienstjaren kunt bereiken.
Stapt u met behoud van hetzelfde salaris over
naar een nieuwe werkgever die precies dezelfde pensioenregeling kent als uw
vorige werkgever, dan zal het aantal fictieve dienstjaren bij uw nieuwe
werkgever gelijk zijn aan het aantal jaren dat u bij uw oude werkgever werkte.
Als de oude regeling een goede indexering kent, is het soms beter de aanspraken bij de oude werkgever te laten. Wel of geen overdracht is dus afhankelijk van verschillende factoren zoals:
· Welk systeem hanteert het pensioensysteem van
de nieuwe werkgever?
· Worden de oude pensioenrechten bij ontslag geïndexeerd?
· Wat zijn de carrière- en salarisverwachtingen?
· Zijn de regelingen ten aanzien van nabestaandenpensioen tenminste
gelijkwaardig?
startpagina ©2005